· 

Submarine Songtrack

Hoe je het ook bekijkt, zoals het woord het al zegt, de muziekindustrie is ook (vooral?) een industrie. Zelfs Paul McCartney geeft in menig interview toe dat één van de meest belangrijke redenen om een carrière in de muziek te ambiëren lag in het feit dat er geld te verdienen zou zijn. Dat er zo belachelijk veel geld op hem lag te wachten had hij als vijftienjarige nooit kunnen denken. Financieel gewin, dé reden achter menig uitgave van verzamelalbums. Het materiaal is al aanwezig, ergo geen opnamekosten etc., dus kassa! ‘Oldies but Goldies’, moest de leegte vullen tijdens de altijd lucratieve kerstperiode. Dit keer (1966) geen nieuw studio-album maar een verzameling klassiekers.

 

Zesentwintig februari 1970: ‘Hey Jude’ veegt de kliekjes bij elkaar die in Amerika nog geen plek op een album hadden gevonden.

 

In april 1973 verschijnen tegelijkertijd ‘The Beatles 1962-1966’ en ‘The Beatles 1967-1970’. Het schoolvoorbeeld van geslaagde verzamelalbums. Natuurlijk niet foutloos, want waarom geen albumtrack weggelaten om zo ruimte te maken voor ‘Rain’? Nu werd deze baanbrekende geweldige song veroordeeld tot een plekje op het bij de BC13 horende, ook apart verkrijgbare gedrocht ‘Rarities’.

 

De rode en blauwe dubbelaar, vier schijven die, zeker voor de oudere fan, een belangrijk onderdeel aan de rand van de Beatles-canon zijn gaan vormen.

 

De jaren zeventig en tachtig, de tijd van de schaamteloze ‘cash grab’ recycle formules. ‘The Beatles Rock and Roll Music’, ‘Love Songs’, ‘Ballads’. Op hoeveel manieren kon er verdiend worden aan de oude vertrouwde songs?

 

Om nog maar te zwijgen over de op het moment van schrijven aangekondigde heruitgave van ‘Anthology’ waarbij het nieuwe vierde deel zoals het er nu naar uitziet enkel in de boxset te verkrijgen zal zijn waardoor je gedwongen wordt om ergens tussen de drie- en vierhonderd euro neer te tellen voor drie nieuwe schijven. En wat is nieuw als de zesde kant slechts drie ook nog eens al bekende songs heeft en de andere vijf kanten veel outtakes kennen die ook te vinden zijn in de de laatste jaren verschenen deluxe boxsets. De winst voor de fan die de oorspronkelijke releases destijds gekocht heeft: dertien nieuwe tracks.

Desalniettemin een geweldige collectie

Zoals aan het begin van deze column gezegd was geld verdienen voor Paul McCartney een goede reden om een carrière in de muziek te ambiëren. Er zit echter nog wel een beetje ruimte tussen de soms kneuterige, onhandige commerciële activiteiten van de jaren ‘60 en ‘70 van de vorige eeuw, tussen de altruïstische opzet van Apple en de manier waarop Calderstone/Universal de laatste jaren te werk gaat.

 

Waar The Beatles destijds in de regel singles niet ook nog eens op albums plaatsten om fans niet twee keer voor hetzelfde nummer te laten betalen, lijkt het beleid nu meer en meer van het tegenovergestelde uit te gaan. Dertien nieuwe tracks. Vergelijk dat eens met b.v. de ‘White Album’ boxset, ook uitgegeven onder de vlag van Calderstone maar op een veel klantvriendelijker manier. Wat een outtake-hemel is dat. Het materiaal van vóór 1966 wordt slechts mondjesmaat vrijgegeven. Of zou er gewoon veel minder echt interessant materiaal zijn en hoopt men zo nog jaren vooruit te kunnen?

 

Daarbij komt dat de oorspronkelijke drie delen een chronologische logica kennen. Het nieuwe vierde deel doet het als geheel nog eens dunnetjes over. Daar blijft, net als in het geval van de vinylversie van de rode- en blauwe heruitgave toch een beetje een net niet gevoel aankleven. De meest logische keuze zou, zoals bij de rode en blauwe heruitgave op cd, een compleet nieuwe volgorde zijn waarbij de nieuwe tracks chronologisch ingepast worden. Maar dat gaat weer ten koste van het album zoals veel fans dat al decennia gekend hebben. Welke keuze men ook zou maken, een honderdprocent bevredigende oplossing is er niet.

 

De waarde van gemaakte keuzes, van veranderingen kan vaak pas achteraf beoordeeld worden. Keuzes die bepalend blijken voor de toekomst zijn vaak op het moment dat ze gemaakt worden slechts een volgende keuze. Een volgend idee waarvan nog moet gaan blijken of het een goed idee is.

 

Dertien november 2000 verschijnt ‘1’ ‘alle’ nummer één hits op twee schijven. Ook hier kun je een enkel vraagteken plaatsen bij de inhoud, zoals: waar is ‘Please Please Me’ toch altijd genoemd als de eerste officiële nummer één hit van de band? Waarom ‘Love Me Do’? En waarom ‘Penny Lane’ wel maar ‘Strawberry’ niet? Het had te maken met de keuze van hitlijsten die als bepalend werden gezien, maar in het verhaal zoals dat altijd verteld werd (‘Gentlemen you have just recorded your first nummer one!’ of in 1967 de eerste Beatlessingle die de eerste plaatst NIET bereikte!) voelde het toch een beetje vreemd. Desalniettemin een geweldige collectie.

 

Ik gaf op het moment van verschijnen twee dagen per week les in Duitsland. Wat opviel waren de reacties, meer nog in Duitsland dan in Nederland, op ‘1’ van zowel leerlingen die The Beatles hierdoor ontdekten als ook hun ouders die deze muziek veelal herontdekten.

 

Met ‘1’ werd duidelijk dat er nog steeds een markt was voor Beatles- uitgaven. Een nieuwe eeuw met nieuwe kansen zou je kunnen zeggen. Maar eigenlijk sloot de eeuw ervoor af met de echte eye-opener.

Hier word je de mix ingezogen

Het ‘Anthology’ project bleek midden jaren ‘90 een succes en hoewel Paul uitsprak dat het nu wel klaar was met nieuwe Beatles-releases dachten de commerciële mensen van EMI en Capitol daar anders over. Maar hoe nu verder?

 

Na een aantal verworpen ideeën moest het een nieuwe versie worden van het ‘Yellow Submarine’ album. Dit minst bevredigende album van de groep (17-januari-1969 verschenen) zou ‘Yellow Submarine Songtrack’ gaan heten om het te onderscheiden van het soundtrack aanhangsel van de oorspronkelijke release. Veel belangrijker nog, het zou alle songs (op ‘A Day in the Life’ na waarvan het orkestcrescendo in de film gebruikt wordt) gaan omvatten. Dit ten koste van de B-kant van het oorspronkelijke album met de filmmuziek geschreven door George Martin. Een B-kant die ik in ieder geval wel kon missen. Ik heb  deze na aanschaf één keer beluisterd en vond dat toen wel meer dan genoeg.

 

EMI doorzocht de archieven en ontdekte dat men de tapes van vóór elk bouncing down proces bewaard had. Dat maakte het mogelijk om de op de uiteindelijke viersporenbanden in de mix tot elkaar veroordeelde stemmen en instrumenten voor een deel opnieuw in het klankbeeld te plaatsen en zo een heuse nieuwe mix te creëren. Men kon het mixproces één of meer stappen eerder oppakken en andere (modernere) keuzes maken.

 

‘Songtrack’ werd lovend ontvangen en nog steeds staat dit album wat betreft klank en mix in hoog aanzien. Nieuwe YouTube  Beatlesguru Andrew van Parlogramauctions heeft er zelfs een video aan gewijd waarin hij de loftrompet steekt over dit album.

 

Dit album heeft de wat mij betreft nog steeds onovertroffen standaard gezet als het gaat om remixes. Het klinkt allemaal zoals The Beatles in mijn beleving horen te klinken, maar het meer aan intensiteit is immens. Luister naar de gitaren van ‘Pepper’ die schuren dat het een lieve lust is. Of eender welke vocal; zo intens en mooi! Ze stralen zwevend in de mix zonder de binding met die mix te verliezen.

 

‘All You Need is Love’ klonk altijd een beetje als een wat slap aftreksel van wat het had kunnen zijn. Hier niet. Hier word je de mix ingezogen.

 

Natuurlijk is elke remix subjectief, maar anders dan dat bij de onder verantwoording van Giles tot stand gekomen remixes het geval is, ervaar ik die subjectiviteit bij ‘Songtrack’ helemaal niet. Het lijkt op een positieve manier altijd al zo geweest te zijn.

 

Dit is een in alle opzichten geweldig album en los van de klank is het natuurlijk ook te gek dat de fantastische song ‘Hey Bulldog’ dankzij dit album een plekje op een volwaardige songcollectie heeft gekregen.Het stond tot 13 september 1999 toch een beetje verloren tussen een paar gerecycleerde songs en wat minder interessant materiaal.

 

Ton Steintjes

STICHTING BEATLESFANCLUB NEDERLAND

Kennemerstraatweg 24

1815 LB Alkmaar