Over de doden niets dan goeds. Ik moest hieraan denken toen ik een maand voor je geboortedag naar de vijfde cd (de raw studio-mixes) uit de ‘Mind Games’ boxset luisterde. Meer specifiek deed het begin van ‘I Know (I Know’) me denken aan leven en dood, aan het naarmate je ouder wordt steeds vluchtiger wordende verschijnsel tijd. ‘The years have passed so quickly……’
Vorig jaar heb ik om je sterfdag te gedenken in een column beschreven hoe groots je in mijn ogen was, hoe groots je altijd zult zijn. Ik heb destijds het minder mooie randje van je persoonlijkheid benoemd, maar die column was vooral een lofzang op de musicus John Lennon, op je vaak ongrijpbare genialiteit.
Over de doden niets dan goeds….maar zou het oké zijn om in een column bedoeld om je te gedenken op je verjaardag stil te staan bij het grote vraagteken dat ik t.a.v. jou ook altijd heb gehad? Ik zoek de rechtvaardiging hiervan in de column van vorig jaar. Jij bent en blijft mijn held, maar anders dan bij b.v. McCartney of Harrison het geval is is er in jou leven een keuze die je leven na The Beatles voor mij niet in alle opzichten even toegankelijk maakt. In jouw leven is de scheiding tussen de mens en de artiest veel minder groot dan het geval is bij je ex-bandleden. De meest belangrijke keuze in je leven maakte die behoefte om je menszijn, je meningen etc. ook in je muziek uit te dragen alleen maar groter.
Vijftien juli 1958, een dag die de rest van je leven zou bepalen. Julia, je moeder, sterft als gevolg van een noodlottig ongeval. Jij was zeventien en had even daarvoor mogen ervaren dat het verwaterde contact met haar weer intenser en frequenter kon worden. Hierin ligt een belangrijk verschil met Paul die zijn moeder ook op jonge leeftijd verloor. Hij verloor haar slechts één keer, jij verloor haar, zoals je zelf ooit zei, een tweede keer nadat je haar even daarvoor ‘teruggevonden’ had. Paul, zo lijkt het althans voor een buitenstaander, kon het een plaatsje geven, bij jou bleef het een open wond. Ik denk dat de manier waarop je Yoko (door jou Mother of Mother Superior genoemd) idealiseerde niet los gezien kan worden van de dood van je moeder.
Het heeft ook iets triests, deze gevangenisachtige keerzijde van de roem
Met het verstrijken van de jaren komen er steeds meer boeken op de markt van insiders, mensen die erbij waren, die hun belevenissen met Yoko en jou vastleggen voor de dood ze voor eeuwig ontoegankelijk kan maken. Tussen de boeken die ik op dit moment lees ligt ook ‘We all shine on’ van Elliot Mintz. Een allesbehalve dik boek met een groot lettertype. Kortom het soort boek dat je in no time uit zou moeten kunnen lezen. Toch schiet het niet echt op en dat ligt zeker niet aan de makkelijk schrijvende Elliot. Het kijkje in jouw leven werkt vervreemdend waardoor het me maar niet lukt echt door te lezen. Op een bepaalde manier werkt de inhoud demythologiserend.
Zo is er het feit dat Yoko en jij er geen probleem mee lijken te hebben om Elliot op de meest vreemde tijden te bellen. Elliot zal er geen probleem mee gehad hebben, want wie wil er nou niet door John Lennon gebeld worden! Maar het feit dat er een denkwereld bestaat waarin het geen probleem lijkt om telkens weer ver na middernacht te bellen? En wat te denken van de ideeën die jullie hadden over hoe je je onopvallend zou kunnen bewegen in een mensenmassa of in een eetgelegenheid onopgemerkt zou kunnen blijven simpel gezegd door de kracht van de geest. Bij die eetgelegenheid blijkt ook dat het toch niet zo goed werkt als jullie dachten. Mentale kracht en visualisatie houden de fans uiteindelijk niet op afstand. Wil ik dat allemaal wel weten?
Het heeft ook iets triests, deze gevangenisachtige keerzijde van de roem. Zeker in jouw geval. Op de één of andere manier lijkt Paul daar makkelijker mee om te kunnen gaan. Hij lijkt bij het contact met fans altijd zichzelf te zijn, of eigenlijk meer nog moeiteloos zichzelf te spelen als de publieke versie die de fans denken te kennen. Het gaat hem ook, zo lijkt het, makkelijk af om de indruk van aandacht voor fans te wekken zonder stil te vallen in de massa.
De keuze voor Yoko leek een ‘all in’ keuze voor exclusiviteit te zijn
Je voor ons als fans meest belangrijke keuze was ongetwijfeld de keuze voor Paul McCartney als partner. Jij zult de keuze voor Yoko als meest belangrijke in je leven ervaren hebben. Yoko, de vrouw die je als (minimaal) gelijkwaardig zag aan Paul als partner om mee samen te werken. De vrouw die door haar sterke persoonlijkheid en het voetstuk waar jij haar op plaatste meer dan wie dan ook de richting van je carrière bepaald heeft.
Twee partnerkeuzes in je leven. De keuze voor Paul bracht het beste in jullie naar boven. Niet onder willen doen voor elkaar gooide de sluizen van de creativiteit nog verder open. De keuze voor Yoko, meer nog de keuze om haar als Mother Superior te zien, maakte dat de richting van je creativiteit (mede)bepaald werd door een kunstenares waarvan de kracht, anders dan bij Paul het geval was, niét in de eerste plaats op het terrein van jou talent lag. In mijn ogen overtrof jouw gave, jouw talent haar vaardigheden op het gebied van muziek.
Je hebt haar muzikale belang voor jou vaak willen onderstrepen. Zo vertelde je b.v. dat de akkoordenreeks die ‘Because’ van ‘Abbey Road’ kleurt tot stand kwam doordat Yoko de pianosonate no14 in cis van Beethoven speelde en jij geïntrigeerd zou zijn geraakt door de mogelijkheid deze akkoorden in omgekeerde volgorde te spelen. Alleen wordt dit verhaal niet gestaafd door de feiten. In de eerste plaats zijn akkoordreeksen zelden omkeerbaar. En dat kan zeker niet in het geval van de meer complexe reeksen zoals in genoemde muziek van Beethoven of ene Lennon. In de tweede plaats hoef je de akkoorden enkel te vergelijken om te zien dat dit niet op waarheid berust. Maar dat wist je ongetwijfeld zelf ook. Is hier enkel de verwoording van wat je bedoelde inadequaat? Zou je het misschien kunnen hebben over de manier waarop Beethoven de akkoorden gebroken heeft? Maar zelfs dan komt het verhaal niet overeen met de feiten. Was het een bewust staaltje van je eigen mythe creëren? Iets dat je zeker niet vreemd was.
Rond de tijd dat McCartney werkt aan ‘Venus and Mars’ hervinden jullie iets van de oude vriendschap. Op dat moment leef je met May Pang aan je zijde. Paul fungeert in die tijd een beetje als bemiddelaar tussen jou en Yoko. Mede dankzij hem komt er een eind aan je ‘lost weekend’. De mogelijkheid dat Paul en jij weer samen zouden werken aan een song voor Paul’s geplande album kan daarmee de prullenbak in. Volgens McCartney was de John van May Pang een veel benaderbaarder persoon dan de John van John & Yoko. De keuze voor Yoko leek een ‘all in’ keuze voor exclusiviteit te zijn. Als fan van de musicus Lennon, fan van het scheppen dat ontstond onder het label Lennon-McCartney vind ik dat jammer. Yoko is misschien veel, maar zoals eerder gezegd in mijn ogen net zo min een gelijkwaardig muzikaalpartner voor jou als Linda dat voor Paul was.
Of je zonder Yoko zo politiek actief geweest zou zijn is dus niet relevant
Yoko is wel veel meer dan Linda dat was musicus. Naast jou op het podium achter een toetsinstrument voor de ‘One to One’ concerten bewegen haar vingers met veel meer gemak over de toetsen dan Linda dat ooit gekund heeft. Qua houding lijkt ze dan weer geen geboren popmusicus. Jij bént gewoon wat je doet, zij lijkt het meer te spelen. Gek genoeg lijkt ze tijdens de uitvoering van haar ‘cut piece’ meer op haar gemak, meer op haar plaats dan naast jou op het podium achter een toetsinstrument.
Daarbij is er ook die andere muzikaal-technisch bezien veel vagere muzikale uitlaatklep van Yoko. Een scène in de ‘Get Back’ documentaire illustreert de manier waarop je naar dat aspect van Yoko als muzikaal creatief kunstenaar kunt kijken misschien wel het best. Tijdens een jamsessie pakt de dan zesjarige Heather een microfoon. Aangespoord door jou begint ze willekeurige klanken uit te slaan, iets dat jou zichtbaar plezier doet. ‘Yoko!’ roep je. Je vindt het duidelijk grappig. Ik zie daarin een illustratie van een fundamenteel probleem als het gaat om een waardeoordeel over Yoko’s vergelijkbare klanken. Een kind kan, zo lijkt het, de was doen. Is wat Yoko doet veel beter? Ik weet het niet, simpelweg om de reden dat dergelijke freeform improvisaties geen aanknopingspunten voor een oordeel bieden. Herhaaldelijk beluisteren zal de ogenschijnlijke willekeur ongetwijfeld in een soort van herkenbare vorm gieten maar ik voel niet de minste behoefte om er vaak genoeg naar te luisteren om die herkenning te bewerkstelligen.
Zou je zonder Yoko net zo politiek actief geweest zijn? Een leerling van mij, een vrouw van bijna vijftig en dus te jong om herinneringen aan jou te hebben vertelde me tijdens een les toen ze in onze studio een foto van je zag hangen, dat ze op YouTube een interview van rond 1972 met je had gezien waarin je de huidige politieke- en wereldsituatie al behoorlijk accuraat voorspelt. Of je zonder Yoko zo politiek actief geweest zou zijn is dus niet relevant. Ze heeft duidelijk iets in je wakker gemaakt. De consequentie is wel dat je een album als ‘Sometime in N.C.’ niet los kunt zien van de tijd waarin het ontstaan is. Sterker nog; tekstueel heeft het zijn relevantie (als daar al ooit sprake van was) verloren doordat het zich richtte op de dingen van de dag. ‘They gave him ten for two’ b.v. is een zin geworden die voor de fans die jouw muziek pas in deze eeuw ontdekt hebben een betekenisloze aaneenschakeling van woorden geworden is. Je moet je als nieuwere fan inlezen, maar zelfs dan: wat doet het er nu nog toe? Het hele gedoe rond de heruitgave van genoemd album als onderdeel van de boxset ‘Power to the People’ onderstreept de problematiek rond je meest extreme scheppen nog maar eens.
Yoko wakkerde je levensvreugde weer aan
Het zal altijd een onbeantwoorde vraag blijven of je carrière na The Beatles een andere, nog hogere vlucht genomen zou hebben als Yoko naast jou een geheel eigen carrièrepad gekozen zou hebben. Zij als avant-garde kunstenares, jij als de musicus die zich enkel middels zijn muziek zou willen uiten. Geen boodschap te verkondigen maar enkel songs schrijven als verklanking van je eigen leven. Maar ja, jij wilde vanaf ongeveer 1965 al méér zijn dan de schrijver van onvergetelijke liedjes en Yoko bood je die kans. Bovendien had je je zonder haar misschien wel letterlijk dood verveeld. Het is niet ondenkbaar dat drugs en verveling je fataal geworden zouden zijn. Yoko wakkerde je levensvreugde weer aan. Nu lijkt het echter wat mij betreft soms ook alsof je jouw onmetelijke talent een beetje onder haar korenmaat hebt gesteld. Een muzikaal gezien ongelijkwaardig partnerschap, maar hoe kan dat ook ander naast jouw grootsheid.
Hetzelfde kan natuurlijk gezegd worden van Wings en Linda McCartney. Als Linda naast Paul haar eigen carrière vorm gegeven zou hebben als b.v. tourfotograaf zouden we niet alleen de meest fantastische foto’s hebben gehad die elk aspect van het bestaan van Wings gedocumenteerd zouden hebben, veel meer nog dan nu het geval is, maar Wings zou met een andere, een echte toetsenist een onvergelijkelijk veel betere band geweest zijn. Het zou ook een flink aantal spanningen gescheeld hebben omdat de echte musici in de band niet altijd tactvol waren t.a.v. Linda’s gebrek aan vaardigheden als toetsenist.
George Martin zei ooit: ‘John Lennon was the Salvador Dalí of music.’ Ja, in veel was Yoko’s grenzeloze fantasie vergelijkbaar met die van jou, maar jouw inspiratie zocht, meer dan de hare, een uitweg in gestructureerde klanken ook doordat je tijdens The Beatles-jaren luisterde naar je collega-bandleden en jullie producer waardoor de Dalí in jou de popmusicus niet van zijn muziek en daarmee van zijn fans kon vervreemden.
George Martin, de man die je wens om ‘Rain’, toen je ‘backwards playback’ had ontdekt, als geheel achterstevoren afgespeeld uit te geven negeerde en het hield bij het logischer en vooral fan-vriendelijker enkel achterstevoren te horen coda. Deze muzikale rationaliteit staat tegenover Mother Superior die je vanaf 1968 juist aanmoedigde om zelfs je meest gekke ideeën te realiseren. ‘Two Virgins’ zette wat dat betreft de toon. ‘Revolution 9’ de enige track op een Beatlesalbum waarbij je ondanks de aversie van Paul en George Martin toch naar Yoko luisterde.
Ach, het zijn maar vragen aan de rand van je onsterfelijk scheppen. En voor dat scheppen past niets dan bewondering en dankbaarheid.
‘Bless you, wherever you are’ John.
– Ton Steintjes –
