Once upon a long ago was er het muziekdecennium van de tachtiger jaren met zijn duidelijk herkenbare sound. De periode van de geplastificeerde klanken, de drumcomputers etc. Het decennium ook dat een laatste rustplaats leek te worden voor veel sterren van het eerste uur. Bob Dylan had al eens betere tijden gekend. Neil Young leek de weg kwijt, of vocht hij enkel zijn conflict met Geffen uit zelfs als dat ten koste moest gaan van zijn muziek?
En McCartney? Na een vliegende start met het album ‘Tug of War’, leek ook Paul zijn beste tijd gehad te hebben. De zeer matig ontvangen opvolger van ‘Tug’ en een filmavontuur dat uitliep op een ramp waarna met ‘Press to Play’ de nieuw ingeslagen richting ook geen commercieel succes bleek, nee Paul zat zeker niet in een flow.
Vergelijk dat eens met de schier eindeloze stroom hits van het voorafgaande decennium. Toen de jaren zeventig zo ongeveer begonnen met het nieuws dat The Beatles niet meer bestonden leek het gedaan met McCartney. Echter niet alleen zou hij zijn vorm hervinden, maar in retrospectief kregen ook zijn vroegste solo-uitingen de waardering die ze verdienen.
Hoe anders is dat wat de jaren tachtig betreft. Hoe je het ook bekijkt, het is een decennium met heel weinig hoogtepunten voor Paul. Op de valreep zou het nog goed komen, maar gedurende het grootste deel bleek het niet zijn decennium.
Toch heeft ook deze periode een waarlijk meesterlijke song voortgebracht. Een song die ver uitsteekt boven alles wat McCartney verder nog aan moois (want dat is er echt wel) gemaakt heeft in die beruchte jaren tachtig. November 1987 verschijnt in de UK ‘Once upon a Long Ago’, een single die de top tien daar (net) zou halen. Gek genoeg werd dit nummer niet op single uitgebracht in de US. Eén van die onbegrijpelijke keuzes uit een reeks ooit begonnen met het niet op single uitbrengen van ‘Maybe I’m Amazed’.
Het arrangement van de song is geweldig. De eerste, korte solo (saxofoon) blijft, omdat dat over het algemeen de voorkeur van McCartney heeft, dicht bij de melodie. Slechts een enkele omspeling en wat super gave timing- en articulatievariaties. Maar die relatief kleine dingen maken de solo bloedmooi.
Het idee om de tweede solo, een gitaarsolo met ballen die lekker scheurt, te laten voorafgaan door een vocaal vlechtwerk werkt mega goed. Daarna neemt Nigel Kennedy het over met een solo gespeeld op zijn elektrische viool. Waar de gitaar kan benden creëert Nigel met glissandi (het traploos glijden van een toon naar de volgende) een bij alle verschillen toch qua klank enigszins vergelijkbaar effect. Tegen het eind van de solo is er eerst het ‘buikige’ glissando waarmee de solo lijkt stil te vallen, waarna een schier eindeloos doorklimmende lijn de solo naadloos verbindt met de herintredende vocalen op de single(box)-versie. Voor de versie zoals die te vinden is op het verzamelalbum ‘All the Best’ geldt dat de gitaar de viool weer opvolgt.
Pauls melodie begint ongelooflijk eenvoudig. Het wekt de indruk dat hij eerst de akkoorden aan de piano gevonden heeft om vervolgens daaruit een melodie te destilleren.
Voor de melodie van de verzen gebruikt Paul overwegend één noot: een C. Aan het eind van elke zin volgt een minimale beweging rond die C maar echt heel veel meer dan die enkele noot is het niet. De schoonheid zit ‘m in de keuze van de twee akkoorden onder die melodie. ‘Once upon’ staat in C/c maar het eerste akkoord is een akkoord dat je niet direct zou verwachten, een akkoord ook dat zover is uitgebouwd dat de C van de melodie er een thuis in kan vinden. Het lied begint met een Bes9 akkoord, vaak aangegeven als een F akkoord over een bes in de bas maar dat is een vereenvoudiging die enkel de overzichtelijkheid van de notatie dient en strikt genomen niet klopt. Een Bes9 akkoord dus dat telkens weer naar het meer te verwachten C akkoord beweegt. De eerste keer onder ‘puppy dog’, de tweede keer onder (what does it) MEAN.
Het lijkt hem allemaal even makkelijk af te gaan
In het refrein pakt Paul uit met een grootste melodie (qua omvang en romantische meeslependheid) en schitterende akkoorden. Wat een prachtig contrast met de klein gehouden verzen. De klank onder het eerste ‘Once’ is magisch. Het is een Asmaj7 akkoord, maar belangrijker dan de naam is de werking; jazzy zwevend, werelden openend. In dit geval een wereld naar c mineur doorschakelend naar C majeur onder ‘pleasure’ alwaar de majeur terts (zeg maar de blije variant van twee opties) de vreugde van het woord pleasure muzikaal voelbaar maakt.
De stem van McCartney heeft in 1987 nog niets aan kracht en soeplesse ingeboet. De expressie van het kleine van de verzen, de grootse meeslependheid van het refrein, het lijkt hem allemaal even makkelijk af te gaan.
Nog voor het eind van het decennium zou McCartney zijn plek onder de groten van het popmuziekwereldje weer opeisen met een album (‘Flowers in the Dirt’) en een wereldtournee.
Bij alle liefde voor ‘Flowers in the Dirt’, maar wat mij betreft is ‘Once upon a Long Ago’ het absolute hoogtepunt van het decennium. Ook in het totaal van Paul’s scheppen verdient het een ereplaats. Zoveel moois in een handvol minuten: meerdere solo’s, twee sterk contrasterende delen, een prachtig vocaal vlechtwerk en een orkestratie van George Martin (natuurlijk van Martin zou je bijna zeggen) om u tegen te zeggen.
‘Once upon a long ago’, zoveel moois in zo weinig minuten vind je niet zo makkelijk twice.
– Ton Steintjes –
